Mee

Ze neemt je mee naar

donker horrorbos met je geweten

beschimmeld als zwammen, leven

als klein meisje opgevreten door leeuw

waar je niet aan wilt denken

 

zie, ergens een licht vaag buiten

al donker ook hier is het halfdonker

ze ziet haar eigen aanwijzingen half

 

en dan voel je een klop op je knie

nog een nog een links een rechts

waar je nooit aan denkt komt nu

je valt uiteen, ze houdt je bij elkaar

vraagt hoe het gaat – wat

 

voel je, die zorg twee uur lang

zullen horrorspinnen en mastodonten

weglopen, wat voel je, gronden, even

een moment aarden en dan terug in

die wolvenput waaruit je wilt vluchten

 

terwijl je anderen vernietigt voor

goed voor altijd beschadigt

je wilt niet zijn verdwijnen onder

de grond, liefst eeuwig onzichtbaar

zij erbij met al haar aandacht, aandacht, zorg

 

trekt leven naar je toe houdt je erbij

klopt links rechts links rechts hoe

doet ze dat, ze vraagt gaat het

het zakt van 10 naar 9, 8, 7, 6,

5, is misselijke afkeer al te dragen,

 

ja of nee?

 

Kan ik verder leven of niet?

En dan even bevrijd, denk aan

zomer vol licht dat zuivert en zij

klopt links rechts, twee uren

volledige aandacht herstelt.

 

Licht als een veer dans je naar huis

tot de angst weer opkomt,

dit keer slechts in

menselijke proporties.

Reacties zijn gesloten.